Middenstad
De Bossche binnenstad heeft drie lagen waar de meeste steden er maar twee hebben. De onderste laag is de donkere Dieze met zijn Piraneske gewelven als herinnering aan het moeras waaruit de stad verrees. Waar de angst van een reis door het duistere onderaardse enkel wordt verzacht door de medereizigers uit alle windstreken en een vrolijke pratende veerman. Af en toe dringt de onderste laag door naar de stad erboven, doorkijkend met gapende donkere monden waar de vleermuizen uitvliegen.
Boven de laag met donkere dromen een laag winkeletalages die geluk en rijkdom weerspiegelen in het glas van de vitrines. De middenstad wisselt met de seizoenen van de verkoop, altijd veranderend maar altijd binnen het kader van de winkelruit.
Hierboven ligt de laag van woningen, magazijnen en leegstand, de plaats waar gedroomd kan worden van een stedelijk leven. Een vrij leven boven de drukte van de stad.

illustratie: Kees Gunneweg
De middenstad is de laag van de verandering; winkels veranderen van eigenaar, de aankleding van de etalages wisselt samen met de straten en pleinen waaraan de winkels liggen met de grillen van ontwerpers. De veranderingen gaan geleidelijk, etalages laten kleine veranderingen zien met de voor -en najaarscollectie en ook het tapijt waarop de winkels staan evolueert eerder dan dat er sprake is van grote verandering. De aanpassingen aan de Markt en de Parade kenmerken zich vooral door erg kleine verandering (waar vervolgens grote discussies gevoerd worden). Net als in de etalages veranderd alleen de aankleding van de stad. De veranderingen, de evolutie bestaat voornamelijk in de middelste laag, de andere twee lagen staan zo goed als stil. De binnenstad is als een Rubiks-kubus waarvan alleen de middelste laag kan draaien en van kleur veranderen.
De evolutie van de winkelplint van de stad heeft ervoor gezorgd dat de winkelramen steeds groter werden. De vraag van de koper of verkoper heeft gezorgd voor steeds verder uitdijende glasvlakken waardoor deze laag zich los gemaakt heeft van de bovenste. Hoewel de ruiten nog aangekleed zijn met de restanten van de boven liggende gebouwen zijn de winkels losgebroken van de gebouwen waarin ze ontstonden. Een fraai voorbeeld van de evolutie van het winkelraam en de breuk met het bovenliggende is te vinden in de achterkant van Prénatal achter het stadhuis. Hier is de hele onderverdieping verwijderd om plaats te bieden aan een etalage. De breuk tussen middenstad en woonlaag erboven is hier mooi verbeeld in een gevel die we ook terug zien in de aanbouw aan het stadhuis in dezelfde straat. Een groot glasvlak met daarboven een meer gesloten laag als eindstation van een geëvolueerde stedelijke typologie.
De onderste laag van de stad wordt al geëxploiteerd met vaartochten en vormt een gevierde trekpleister voor de stad, de middenstad lijkt enkel in groei te worden geremd door het aantal parkeerplaatsen en economische crisis. De bovenste laag, het wonen lijkt in ontwikkeling stil te staan. De ontkoppeling van midden -en bovenstad zoals die ook uitgedragen wordt door de aanbouw aan het stadhuis biedt kansen voor de ontwikkeling van met name het wonen in of boven de binnenstad. Nieuwbouw in het binnenstedelijke weefsel hoeft niet langer een spagaat te maken door in één type zowel de dromen van de consument als die van een bewoner te vatten. De druk om niet uit te toon te vallen is zo groot dat de stad wordt ingevuld met gebouwen die zo lijken op hun omgeving dat de oude gebouwen in de stad wegvallen, als een witte vlek tegen een grijze achtergrond. De angst voor het eigentijdse is groot terwijl de invulling van het meest zichtbare deel van de stad, de middenstad, mijlenver afstaat van enige vorm van historie. Als dat kan, misschien kan ook de bovenlaag van de stad expressie geven aan dromen van stedelijk leven. Misschien zelfs wat hoogbouw in de stad...?
Das

archief

